|
Het faillissement in psychologische
versie
Vanuit menselijk vlak zijn er heel wat gedragsaspecten
die kunnen leiden tot een mislukking. De meest
nefaste zijn :
• de moeilijkheid om zichzelf in vraag te
stellen wanneer er moeilijkheden opduiken ;
• een tendens om in een slachtofferrol te
kruipen, wat de aanpak van de echte oorzaken verhindert,
• de neiging tot een vlucht naar voor, «
kop in het zand » ;
• een ongezondere levensstijl, wat de capaciteit
om helder te redeneren ondermijnt ;
• een slecht relationeel conflictbeheer
wat leidt tot een breuk ;
• een gebrek aan inleving in de markt: zich
tevreden stellen met morren wanneer de markt een
onmiddellijke wending vereist ;
• slecht management waarbij de grootste
fout er voor een ondernemer in bestaat zich omringd
te denken door klonen die op dezelfde manier als
hij moeten handelen en denken.
Zonder moraliserend te worden, moet de ondernemer
inzien dat hij uit een mislukking pas kan leren
wanneer hij bepaalde verantwoordelijkheden op
zich neemt en bijstuurt naar nieuwe gewoonten.
Het faillissement in statistische versie
Vanuit technisch oogpunt en als we de experts
mogen geloven, zijn de meeste faillissementen
toe te schrijven aan een ontoereikend kapitaal,
gebrek aan beheerscompetentie, de economische
conjunctuur en fraude. Kwaadwilligheid steekt
pas de kop op wanneer de situatie uitzichtloos
is.
• Slecht beheer wordt het vaakst aangehaald
als een oorzaak van faillissementen : 34% van
de gevallen. De ondernemers starten met een goede
product- en vakkennis, maar hebben geen organisatorische
ervaring. Men stelt bij voorbeeld een gevaarlijke
slordigheid vast inzake kredietbeheer. De ondernemers
leiden hun onderneming met een obsessie voor omzet,
terwijl ze de rentabiliteit uit het oog verliezen.
• De tweede oorzaak van faillissementen
is het gebrek aan voldoende kapitaal bij de opstart
(20%). Meestal bezitten of lenen ondernemingen
voldoende kapitaal voor de oprichting, maar houden
ze geen rekening met de bedrijfskosten in de initiële
fase.
• De economische situatie is de derde oorzaak
(19%). De concurrentie vanwege de ontluikende
economieën speelt ontegensprekelijk een rol.
• Fraude lijkt een even belangrijke factor.
Bedrijven kunnen te maken krijgen met oneerlijke
praktijken van klanten, leveranciers en soms zelfs
van medewerkers en kaderleden. Dit kan ook wijzen
op een management dat tekortschiet.
• Het geplande faillissement (dat geen bedrieglijk
bankroet is, maar dat erin bestaat de activa van
de onderneming te verkopen wanneer deze op een
faillissement lijkt af te stevenen).
« Waarom ben ik failliet
gegaan ? »
Het bureau Graydon zette een grootschalige
enquête op touw (700 vennootschappen
en 300 eenmansbedrijven). Op de vraag «
Waarom ben ik failliet gegaan ? »
wijst 64% van de ondervraagde ondernemers
de slechte betalers met de vinger. Vertragingen
in de betalingen leiden in nogal wat ondernemingen
tot liquiditeitsproblemen. Het verlies of
het faillissement van een grote klant is
dan zeer moeilijk op te vangen. De onderneming
wordt geconfronteerd met een gebrek aan
kapitaal, wat haar werking in het gedrang
brengt. Nochtans draagt ook de bedrijfsleider
een deel van de verantwoordelijkheid : hij
staat namelijk in voor de follow-up van
de klanten en de organisatie van het debiteurenbeheer
», zo onderstreept Graydon in zijn
enquête.
Na slechte betalers wordt fraude als tweede
oorzaak naar voor geschoven door 26% van
de « gefailleerden ». Vanaf
wanneer ging het met de zaken de verkeerde
kant op ? Resultaat : 6% van de bedrijven
antwoordt dat de problemen opdoken tijdens
de eerste twee jaar, 19% tijdens het derde
of vierde jaar en 16% tijdens het vijfde
of zesde jaar. « Na deze kritieke
periode, verhogen de overlevingskansen van
de onderneming », besluit Graydon.
De conclusies van de Europese Commissie
gaan in dezelfde richting.
|
|
|